Corporate actions en uw optiecontract

Hoe vindt omzetting plaats?
Corporate actions hebben gevolgen voor de waarde van een aandeel. Als op dat aandeel opties zijn genoteerd, dan zijn ze dus ook van invloed op het optiecontract. Veel particuliere beleggers weten niet wat er met hun optiecontract gebeurt als een corporate action zich aandient. Het aantal telefoontjes naar onze afdeling Retail Relations bij een corporate action bewijst dit. Sommige particuliere beleggers voelen zich tekort gedaan. Dit was immers niet wat ze voor ogen hadden toen ze besloten opties te kopen of te schrijven. Toch is die verontwaardiging in de meeste gevallen niet terecht. De Corporate Actions Policy van NYSE Liffe - waarvan de meest recente versie in werking trad per 24 december van het afgelopen jaar - biedt voor alle partijen een oplossing. Uitgangspunt is dat de economische waarde van de optiepositie voor en na de corporate action zoveel mogelijk gelijk is, behoudens afrondingen. In dit artikel laten we zien wat er gebeurt en hoe de verrekening werkt. Als voorbeeld geldt de recente claimemissie bij ING.

Soorten corporate actions
Laten we eerst eens kijken wat precies wordt verstaan onder corporate actions. Kort gezegd gaat het om maatregelen die door de onderneming worden genomen - al dan niet vrijwillig - waarvan de uitkomst gevolgen heeft voor de aandelen. Bekende corporate actions zijn splitsing van aandelen of juist het samenvoegen ervan, speciaal dividend, fusies, overnames of juist het verzelfstandigen van bedrijfsonderdelen, en de meest radicale van alle corporate actions: liquidatie en faillissement. Ook het uitgeven van extra aandelen behoort tot de corporate actions. De vorm waarin dit gebeurt is bepalend voor het aanpassen van optiecontracten. Soms is het niet nodig aanpassingen te doen, maar in andere gevallen - zoals bij een claimemissie - wel. ING kondigde eind vorig jaar een claimemissie aan waarbij bestaande aandeelhouders het recht verkregen voor elke zeven aandelen zes nieuwe aandelen te kopen voor een prijs van € 4,24 per aandeel. De koers van het aandeel ING stond op dat moment op € 8,53.

De claimemissie
De bij ING gevolgde procedure typeert de claimemissie. Nieuwe aandelen worden alleen aangeboden aan bestaande aandeelhouders tegen een vooraf bepaalde korting. Die bestaande aandeelhouders hebben daarvoor eerst goedkeuring verleend in de aandeelhoudersvergadering. Is eenmaal duidelijk dat een claimemissie plaatsvindt, dan komt een moment waarop het aandeel ‘ex-claim' noteert. De korting die bestaande aandeelhouders ontvangen is een vergoeding voor het minder waard worden van hun stukken. Interessant bij ING is dat die korting aanzienlijk is, omdat het bankbedrijf met deze emissie het aantal uitstaande aandelen nagenoeg verdubbelde. Het uitgeven van meer aandelen betekent dat het belang van zittende aandeelhouders verwatert. Aandeelhouders kunnen met korting extra stukken kopen om hun belang weer op peil te brengen, maar ze kunnen ook hun claimrechten op de beurs verhandelen. ING hoopte met de claimemissie van 1,7 miljard nieuwe aandelen € 7,5 miljard op te halen om daarmee een deel van de overheidssteun af te lossen.

Optiebeleggers
Bij een claimemissie verwerven aandeelhouders dus bepaalde rechten om de waardevermindering van hun stukken te compenseren. Maar hoe zit het dan met de optiebeleggers? Belangrijk is dat aandelen worden uitgegeven door de onderneming en opties door de optiebeurs. In dit verband is dus de optiebeurs de aangewezen instelling om met een regeling te komen. Gelukkig voorziet de eerder aangehaalde Corporate Actions Policy van NYSE Liffe ook in een regeling waar het gaat om claimemissies. Het is even rekenen, maar het is belangrijk om te begrijpen wat er precies gebeurt.

Berekening ratio
Een eerste stap is het uitrekenen van de claimrechten per aandeel. Hiervoor wordt de slotkoers op de laatste handelsdag voorafgaande aan de claimemissie (in het geval van ING was deze € 8,53) verminderd met het bedrag waarvoor aandeelhouders extra aandelen konden kopen (€ 4,24). De uitkomst van deze som (€ 4,29) wordt gedeeld door 7/6 +1. Bij ING duidt de waarde 7/6 erop dat iedere aandeelhouder met 7 aandelen het recht verkreeg 6 nieuwe aandelen te kopen. De claimrechten bedragen dus € 4,29 gedeeld door 2,166 is € 1,98.

De volgende stap is het berekenen van de ratio. De ratio is belangrijk om zowel de aangepaste contractgrootte als de nieuwe uitoefenprijzen te berekenen. Voor het berekenen van de ratio trekken we het bedrag van de claimrechten af van de slotkoers op de laatste handelsdag voorafgaande aan de claimemissie: € 8,53 - € 1,98 = € 6,55. Vervolgens delen we deze uitkomst nog een keer door de laatste koers die gold voor het bekendmaken van de claimemissie: €6,55 gedeeld door €8,53 is 0,76788. Dit laatste getal is de ratio.

Contractgrootte
De contractgrootte wordt aangepast door deze te delen door de ratio. Optiecontracten zijn in Nederland standaard gebaseerd op 100 aandelen. De som is dus 100 gedeeld door 0,76788, waarmee de contractgrootte afgerond zou uitkomen op 130 aandelen per contract. Omdat bij optiecontracten in Amsterdam zoveel mogelijk wordt gestreefd naar standaardisatie is ervoor gekozen dit aantal te splitsen in twee optiecontracten. Een contract met de gebruikelijke 100 aandelen (symbool ING) en een contract met 30 aandelen (symbool INO). Bezitters van een ING optiecontract kregen er dus twee contracten voor terug, een grote, gebaseerd op het normale aantal aandelen, en een kleintje, gebaseerd op 30 aandelen. Het zal duidelijk zijn dat de INO-contracten slechts tijdelijk in de notering zijn. Wanneer het laatste INO-contract is geëxpireerd, dan is deze optieklasse opgeheven en hebben alle optiecontracten met ING als onderliggende waarde weer standaard betrekking op 100 onderliggende aandelen.

Uitoefenprijs
Zoals gezegd is de ratio ook belangrijk voor het bepalen van de uitoefenprijzen. Nieuwe uitoefenprijzen komen tot stand door de prijzen in bestaande optiecontracten te vermenigvuldigen met de ratio factor. Bijvoorbeeld: een optie met een uitoefenprijs van € 8 kreeg een nieuwe uitoefenprijs van 8 x 0,76788 = 6,14. Bij deze berekening maakt het niet uit of het gaat om callopties of putopties en ook niet of het gaat om opties in de ING serie of in de (tijdelijke) INO serie.

Zoals aangegeven bestaan er veel verschillende corporate actions. Voor elk van deze gevallen bevat de Corporate Actions Policy van NYSE Liffe uitgewerkte oplossingen.

NextUpdate Januari 2010