Interview Dick Vis (DSI)
Dick Vis, directeur van DSI, heeft een belangrijk advies voor particuliere beleggers: “Ga naar de website van DSI (www.dsi.nl) en controleer of degene die uw beleggingszaken regelt geregistreerd is. Is er een “schone” registratie, dan voldoet hij of zij aan de integriteitseisen van DSI. Maar er is ook een mogelijkheid dat de adviseur geen registratie heeft. In dat geval kun je als belegger beter niet met deze dienstverlener in zee te gaan. Wie in de financiële wereld werkt weet hoe belangrijk een DSI registratie is; als iemand zich niet laat registreren, doet hij niet mee aan het zelfreinigende systeem van de sector. Een derde mogelijkheid is dat de adviseur zijn registratie heeft verloren. Zijn naam staat dan wel op de site, maar ook de reden waarom hij zijn registratie is kwijtgeraakt. Ook dat is bepaald geen aanbeveling om met zo iemand verder te gaan.”
Gedragscode
Hoewel DSI bij veel beleggers onbekend is, bestaat het instituut al tien jaar. “Het initiatief kwam van George Möller, destijds CEO van de beurs in Amsterdam”, zegt Vis. “Eind jaren negentig was er het een en ander aan de hand op de Nederlandse effectenmarkten. Het speelveld werd bepaald door professionele partijen. Particuliere beleggers hadden een niet al te beste positie. Professionele partijen hebben toen de handen ineen geslagen en gezegd: we kunnen zo niet verder met onze klanten omgaan. Particuliere beleggers werden in de jaren negentig steeds belangrijker. In die tijd was ik zelf beleggingsadviseur en ik zag dat steeds meer huishoudens gingen beleggen. Ook de overheid zag dat de positie van particuliere beleggers niet genoeg beschermd was. Een oplossing was de introductie van het Engelse model. Dat houdt in dat iedereen die voor zijn beroep bezig is met beleggingsadviezen en effectenhandel een registratie moet verwerven. Wie geregistreerd is moet zich houden aan de gedragscode met als belangrijkste peilers integriteit, zorgplicht en deskundigheid. Het strikt handhaven van de gedragscode leidt tot een aanmerkelijke verbetering van de dienstverlening en een beter imago van de sector. Met dat doel is DSI opgericht”
Hoe komt een adviseur aan een DSI-registratie?
“Eerst vindt screening plaats. Die begint met een Verklaring Omtrent het Gedrag die wordt afgegeven door het Ministerie van Justitie. Verder moeten oud-werkgevers verklaren dat je integer met je vak omgaat, en ook met je collega’s en met het bedrijf waarvoor je hebt gewerkt. We gaan na of de diploma’s waarvan je beweert die gehaald te hebben, ook inderdaad in je bezit zijn. Dat is niet onbelangrijk, wat juist hier bestaat soms veel fantasie. Vaste onderdelen van de screening zijn daarnaast: een Eigen Verklaring die je moet invullen, een faillissementscheck, controle van het ID-bewijs en toetsing aan de DSI-database. Dit zijn de controlepunten aan de voordeur. Bedrijven die iemand willen aannemen kunnen die screening trouwens ook door ons laten verzorgen, losstaand van een registratie.”
Workshop ethiek
“Vervolgens doorloopt iedere geregistreerde beleggingsspecialist een integriteits awareness programma, waartoe onder andere een workshop ethiek behoort. Dat is een leuk onderdeel van het programma, waarbij een situatie wordt geschetst die daarna door de adviseurs wordt beoordeeld en becommentarieerd. Meer theoretisch is de integriteitmodule, maar ook hier komen praktijkdilemma’s aan de orde. Wet, regelgeving en ethiek zijn de drie belangrijkste punten en iedere drie jaar passeren deze onderwerpen in een permanent educatieprogramma de revue. Dat moet je bijhouden, anders raak je je registratie kwijt.”
Hangende pootjes
“Nadat we van start waren gegaan, hebben we zo’n duizend adviseurs uit het register moeten verwijderen omdat ze niet meer terug kwamen voor de cursussen. Een flink aantal van hen stond later met hangende pootjes voor de voordeur. Ze hadden gemerkt dat je zo’n registratie hard nodig hebt. Veel werkgevers eisen een DSI registratie. Dat is ook de afspraak die we in de jaren negentig hebben gemaakt en 80% van de sector maakt dat waar. Een onderneming die zich bezighoudt met effecten en/of beleggingen hoort aangesloten te zijn bij DSI. Is dit het geval, dan zorg je ervoor uitsluitend met bij DSI geregistreerd beleggingspersoneel te werken. Op de website kun je dat precies zien. Zie je op de televisie weer eens een beleggingsgoeroe bepaalde producten aanprijzen, dan zou ik eerst even op de DSI site kijken voordat je blindelings zijn adviezen opvolgt”
Zou de AFM als toezichthouder deze functie niet moeten vervullen?
“De AFM werkt op het niveau van vergunningen voor ondernemingen. De AFM mist het systeem, de middelen en de mogelijkheden om een gedragscode met behulp van eventuele sancties te handhaven. Daar zitten te veel juridische en bestuursrechtelijke haken en ogen aan vast. Bovendien kun je als sector veel beter lokaliseren waar de rotte appels zitten. De AFM houdt geen direct toezicht op individuele adviseurs, de AFM is gericht op de vergunninghoudende organisatie zelf en hun bestuurders. DSI kijkt naar de medewerkers die met effecten te maken hebben. Onze tuchtcommissie ziet toe op naleving van de gedragscode. Eigenlijk is die gedragscode heel simpel. Hij houdt in dat dienstverlening eerlijk plaatsvindt en in het belang van klanten is.”
2009 en 2010 zijn de jaren van de financiële crisis. Heeft dat gevolgen voor jullie werk?
“Je ziet dat ook DSI zo’n crisis niet kon voorkomen. De problemen kwamen uit Amerika overwaaien. Dat neemt niet weg dat in Nederland wel degelijk een vertrouwenscrisis is ontstaan. Als sector mogen we er niet aan voorbijgaan dat het vertrouwen in financiële dienstverleners is geschaad en dat de sector daar ook debet aan is. Je moet ervoor zorgen dat er een goede interne reiniging van de sector plaatsvindt. Doe je dat niet, dan doen anderen het voor je. Dan word je gevangen in wetten en regelgeving. Dat is iets dat je niet moet willen, toch?”
Verzekeringen en hypotheken
“We vatten onze taak inmiddels steeds breder op. Al voor de crisis begon begaven we ons in de verzekeringsmarkt en de hypotheekmarkt. Die uitbreiding van ons werk ontstond toen beleggingen meer en meer werden gebruikt buiten de effectenindustrie. Je kunt dan denken aan de aandelenleaseconstructies die werden aangeboden en die heel veel ellende hebben veroorzaakt.”
En de DSB?
“Ja, dat is een goed voorbeeld. Die bank werkte eerst onder een effectenvergunning. Al in 2005 heeft onze klachtencommissie geoordeeld dat DSB zijn effectenzorgplicht heeft geschonden door een consument een consumptief krediet te verkopen met een aantal nevenproducten daaraan gekoppeld, waaronder een effectenleaseproduct. Alle overeenkomsten werden vernietigd en de klant kreeg zijn geld terug. DSB beëindigde zijn status als effecteninstelling en kort daarop de aansluiting bij DSI. Ook hier wijs ik weer op het belang van onze website. Als je op onze website een aanbieder van financiële diensten niet kunt vinden, dan wijst dat erop dat zo’n aanbieder integriteit kennelijk niet belangrijk vindt. Daaruit kun je conclusies trekken. Als klanten van de DSB van het bestaan van DSI hadden geweten, dan hadden ze veel ellende voor zichzelf kunnen voorkomen. Sinds 2005 komt DSB niet meer voor op onze site. Het is jammer dat veel mensen onze site niet kennen. Daar ligt werk voor de sector en de consumentenorganisaties. Ik hoop dat de consument zich meer bewust wordt van risico’s. Nog steeds kijken mensen eerder naar rendement dan naar integriteit. Het is moeilijk om dat te veranderen.“
Wat was in de tien jaar van het bestaan van DSI het dieptepunt?
“Het leasen van aandelen door particulieren leidde tot het grootste aantal klachten dat ooit werd ingediend bij onze klachtencommissie. Een heel drukke, maar ook een boeiende en leerzame periode. DSI heeft de voorbereiding gedaan voor de commissie Duisenberg, die voor particuliere beleggers een oplossing trachtte te vinden. Bij aandelenlease bleek duidelijk wat de valkuilen zijn bij financiële advisering. Als je beleggingen mengt met andersoortige producten raken mensen - klant en adviseur - al gauw het spoor bijster. Met een aandeel Philips of een aandeel Koninklijke Olie is het duidelijk wat je in je handen hebt, bij gemengde producten is dat vele malen ingewikkelder. Bij die leaseproducten ging het om veel geld, met een hoog rendement. Daardoor konden er makkelijk allerlei kosten in verpakt worden. Valt het rendement tegen dan blijven alleen de hoge kosten over. Dan kom je op een punt waar de integriteit faalt.”
Afbreukrisico
“Beleggen vereist een hoog verantwoordelijkheidsbesef; het afbreukrisico bij advisering is groot. Gaat het om financiële dienstverlening, dan zijn klanten vaak aangeschoten wild. Ze hebben geen verstand van financiële producten, van beleggen, van hypotheken. Daarom moet je je financieel adviseur voor honderd procent kunnen vertrouwen. En daarom zijn waarborgen zo belangrijk. Een verkeerd financieel advies of product kan een klant in de kern van zijn bestaan raken. Je huis kwijt, echtscheiding, noem maar op. Ik vind dat financiële dienstverleners in Nederland een persoonlijke verantwoordelijkheid hebben. Als je de kluit belazert, dan ben je je registratie kwijt en dan ben je exit uit de industrie. Dan ga je maar wat anders doen. Dit gaat niet alleen over effecten, dit gaat over de hele linie van financiële dienstverlening. Dossiers als DSB of Legio Lease moeten we in de toekomst niet meer hebben.”
Er is een toename van de Over-The-Counter-markt, transacties in effecten die tussen partijen onderling worden afgewisseld in plaats van dat dit via de beurs gaat. Is die tendens een verzwaring van de werkzaamheden voor DSI?
“Bij beurshandel is de beurs verantwoordelijk voor compliance en toezicht. Bij de OTC-markt geldt dat natuurlijk niet. Ik denk ook niet dat de AFM als toezichthouder die taak op zich neemt. Het is niet onlogisch dat de meerwaarde van een eigen integriteitsinstituut ook tot uiting komt bij OTC-transacties. Immers, ook bij die transacties kan integriteit in het geding zijn. Gaat de OTC-transactie tussen DSI deelnemers, dan hebben we de mogelijkheid stukken op te vragen en onderzoek te doen. DSI heeft de expertise in huis om zo’n transactie te beoordelen.”
Honderd professionals
“In diverse commissies hebben wij ongeveer honderd professionals om ons heen, die in vooraanstaande posities in de sector werken. Als nevenfunctie ondersteunen zij DSI. Wij zitten niet in een ivoren toren, het is de sector zelf die toezicht houdt op de sector. Dat is ook de reden waarom de toezichthouder niet kan wat DSI wel kan, en andersom ook natuurlijk.”
Centraal begrip bij de werkzaamheden van DSI is integriteit. Waar ligt de grens tussen niet en wel integer?
“De regels geven de ondergrens aan. Overtreed je de regels, dan ben je niet integer. Dat houdt in dat een adviseur zich nooit mag inlaten met zaken waarbij belangenverstrengeling een rol speelt. Daarnaast gelden normen en waarden. Een interessant gebied, want integriteit is niet statisch. De opvatting wat integer is, is aan verandering onderhevig. Verder dient een adviseur zijn eigen grenzen te kennen; dat kan inhouden dat hij niet blind meegaat met de wens van een klant of een werkgever. Wil een klant iets waarvan je als adviseur weet dat de risico’s te groot zijn – of dat het niet is toegestaan - dan zul je dat met redenen omkleed aan de klant moeten melden.”
Welke sancties heeft DSI bij gebleken gebrek aan integriteit?
“Boetes, berisping, schorsing, het beëindigen van registratie met vermelding van de reden op de website. Je vindt trouwens ook de uitspraken van de tuchtcommissie op de website, evenals jurisprudentie. Dit systeem geeft meerwaarde aan degenen die als integer op de website staan geregistreerd. De Nederlandse effectenindustrie heeft de afgelopen tien jaar een behoorlijke professionaliseringslag doorgemaakt. Ook de kredietcrisis zorgde er niet voor dat men gekke dingen ging doen. Er was geen stijging in het aantal gevallen waarover de tuchtcommissie zich moest buigen. De verbetering van de situatie voor de klant heeft te maken met verdergaande regelgeving, met het feit dat men heeft geleerd van fouten uit het verleden en misschien ook wel met het feit dat er een instituut is dat de integriteit en ook de deskundigheid bewaakt. Kortom, DSI-registratie is een ‘must’ voor iedere beleggingsmedewerker”.